Categorie archief: Verdwaald in Tirol – het boek

Hier komt alles dat te maken heeft met Verdwaald in Tirol te staan.

Schrijfvakantie – doen of niet?

De verslagen van de vijf schrijfdagen hebben jullie inmiddels kunnen lezen. Op dag zes ging het vooral om de vraag ‘en hoe nu verder, hoe zorg ik er voor dat ik tijd genoeg kan besteden aan dat boek.’ Om het in de woorden van Marelle te vatten: voor iedere hobby moet je tijd maken. Stel dat je gaat sporten, dan is een keer in de week een leuk begin, maar wil je echt resultaat bereiken, dan is twee keer beter en drie keer helemaal geweldig. Ik moest meteen weer denken aan mijn marathontrainingen en hoe ik dat heb aangepakt. Als ik maar wat had aangemodderd, had ik de eindstreep niet gehaald. Maar ja… als je al de hele dag achter je laptop hebt gezeten, is het wel goed te doen om een stukje te gaan rennen, maar om dan weer achter de laptop te kruipen voor mijn verhaal? Hoe ik dat ga doen, daar ben ik nog niet helemaal uit – maar dat komt wel.

Maar dan, raad ik het aan, zo’n schrijfvakantie? Het antwoord is dat ik denk dat het van je wensen en verwachtingen afhangt. Als je denkt ‘ik ga die week mijn boek schrijven’: no way. Zie ook dag 1 en mijn verwachting. Maar ja, dat is wat algemeen hè, dus nog wat  punten om over na te denken als je een schrijfvakantie overweegt.

Vooraf wist ik al dat deze week een beetje (veel) buiten mijn comfortzone zou zijn. Ik weet dat het soms nodig is, een groepsles of een groepscursus. Maar 7 dames, een week lang, samen schrijven, elkaar voorlezen en ideeën delen – ik zag er best wel erg tegenop. Dat is 100 % meegevallen. Ja het was even wennen en even aftasten. Dat werd bij mij nog verergerd doordat ik de avond voor we vlogen en de ochtend dat we vlogen ziek werd. Waar het aan lag, geen idee – maar mijn maag en darmen waren compleet van slag. Dus na de vlucht, de eerste rondleiding en het eten, ging ik met een knallende koppijn en een gekregen paracetemolletje direct plat toen we in de B&B aankwamen. Om dag 2 fris en fruitig te beginnen – gelukkig! En op die dag merkte ik al een klik met iedereen – allemaal op een andere manier. Dat was niet alleen bij mij zo, maar eigenlijk bij alle dames. 7 compleet verschillende vrouwen met 7 totaal uiteenlopende verhalen. Ik denk eigenlijk dat ik die verhalen en hoe iedereen er, soms stukje bij beetje, wat van losliet nog het meest ga onthouden van deze reis.

De Bed and Breakfast – heerlijke plek

Maar ja, ik ging dus om mijn verhaal te verbeteren en ook dat is gelukt. Want ik was eigenlijk geen verhaal aan het schrijven, maar een verslag. Ik schreef geen roman, maar een aaneenschakeling van blogs. Op een dag zal ik nog eens een voor de vakantie en na de vakantie versie van een stuk tekst posten, dan kun je zien wat het verschil is. Eigenwijs als ik ben, had ik een aantal basis schrijftips in de wind geslagen. Want ‘ik kan heus wel schrijven.’ En daar ben ik nog steeds van overtuigd eigenlijk, dat ik dat kan. Maar een roman, een verhaal, is wat anders dan lesmateriaal. Heel veel nieuwe dingen heb ik niet gehoord – maar veel dingen heb ik wel op een andere manier gehoord. En daardoor landt het. Ook in combinatie met de tips en feedback op mijn eigen verhaal.

Klein voorbeeldje. Als auteur van een lesboek krijg ik een vrij duidelijke richtlijn mee over het aantal pagina’s van een boek, vaak zelfs over een hoofdstuk. Als dat 160 pagina’s zijn en ik schrijf er 240, dan zal ik echt moeten schrappen. En dat is lastig, want je volgt een bepaalde opbouw en vaak ook een bepaald format. Bij een roman is dat anders – want daar geldt vaak schrijven = schrappen. Dus schrijf maar 20.000 woorden extra; je kunt er later altijd nog schrappen. Bijvoorbeeld door passages die niets toevoegen te schrappen. Dat kan makkelijker dan in dat lesboek. Dus nu schrijf ik meer zonder vooraf te denken ‘wordt het niet te dik, dat boek van mij?’ Schrappen kan altijd nog namelijk.

Ik ging ook om meters te maken. Na dag 2 zag ik dat zwaar in. Maar toch ben ik ook in dat opzicht tevreden. Want het herschrijven, vormen en kneden van het verhaal is eigenlijk veel belangrijker dan die meters maken en daar maakte ik op dag 3 een start mee. Als het verhaal echt goed staat, als je mij kunt interviewen over de personages – dan is het eigenlijk nog een kwestie van invullen, van schrijven, schrijven en nog eens schrijven. En daar zit wel een crux…

Genieten van een zonsondergang

Want ik ben er achter gekomen dat het wel erg lastig is om echt in de goede schrijfflow te komen en daarin te blijven. Een stoel die net niet lekker zit, een appje dat binnenkomt, de wind die net te hard waait, de zon die te fel schijnt of de vogeltjes die te hard lijken te fluiten – allemaal dingen die me zo maar uit mijn concentratie kunnen halen als ik op een punt zit waarvan ik denk ‘hoe nu verder?’ door de week heen merkte ik dat blokjes van zo’n anderhalf uur schrijven voor mij zo’n beetje ideaal zijn. Daarna was het wel even op – ging ik een stukje lopen, een ander plekje zoeken of even een babbeltje maken. Dus die schrijfplek die ik heb, met een blok van zo’n twee uur schrijven, dat is zo’n gek idee nog niet.

Tot ziens – tot in Frankrijk!

Als je ook een schrijfvakantie overweegt, bedenk dan goed wat je wil. Vergelijk een aantal opties met elkaar en probeer, als dat kan, ook wat meer te achterhalen over de schrijfdocent en zijn of haar stijl van werken. Voor mij werkt de eerlijke aanpak van Marelle heel goed bijvoorbeeld en bovendien vond ik het ook heel fijn dat zij ook ervaring heeft met het vertrekken uit Nederland en de zaken waar je mogelijk tegenaan loopt. Besteed wat tijd aan onderzoek doen naar de mogelijkheden.

Wil je meters maken, liefst zo veel mogelijk ongestoord schrijven? Dan is een week in een stil huisje misschien wel net zo efficiënt – zelf organiseren dus, als dan niet met andere schrijvers erbij (want voorlezen en sparren helpt echt!). Dat je daar wel zelf moet koken is denk ik helemaal geen ramp – want die afwisseling in schrijven en dingen doen heb je volgens mij toch wel nodig. Tenzij je hele dagen op een stoel kunt zitten… Of als je dat niet wil, boek een hotel met vol pension. Wil je echt tips en advies, bedenk dan of je dat liever 1 op 1 wil, concreet over jouw verhaal, of wat meer algemeen. Als ik naar mijn schrijfproces kijk en mijn ‘productie’, dan was een retraite met 1 op 1 gesprekken en vooral schrijven, schrijven, schrijven vast beter geweest. Maar voor het uit mijn comfortzone komen – en ook dat hoort volgens mij wel bij het schrijfproces – was deze schrijfvakantie ideaal. Met name dankzij de input van de andere schrijfsters – dus dames als jullie dit lezen: obrigada. En tot in Frankrijk 😉 De port zal ik wel meenemen….

Schrijfvakantie – dag 3

Dag 3 – vrije schrijfdag of, als je dat wil, een dag naar Albufera. Aan het begin van dag 2 dacht ik ‘nee natuurlijk ga ik niet naar Albufera, ik wil meters maken.’ Aan het einde van dag 2 dacht ik ‘krijg het heen en weer, ik kom toch nergens deze week, ik ga gewoon lekker naar Albufera.’ Maar toen belde ik even met mijn eega (die een snelle reality check deed) en dreef ik een hele tijd in het zwembad met een van mijn mede-schrijfvakantiemaatjes (en een beetje port…). Dat veranderde al het nodig.

En daarna was ik ook nog vroeg wakker. Op het terras van de bed & breakfast, met het gezelschap van een aantal schatten van katjes, schreef ik ouderwets met pen en papier mijn nieuwe structuur en mijn echte drijfveer uit. Binnen drie kwartier stond deze op papier. Ik liep nog even heen en weer naar het stadje – nou eigenlijk, de 10 huizen die samen een stadje vormen – en besloot om er vandaag volop voor te gaan. Want het hoefde niet 100% anders, het moest vooral scherper, meer met gevoel. En dat is spannend, want terug naar het gevoel van toen gaan is lastig, maar ook wel eng.

Om tien uur, na een heerlijk ontbijt, worden we opgehaald. Ongeveer de helft van ons gaat naar Albufera, de andere helft gaat schrijven. We bespreken dat we ook best onderling kunnen sparren, stukjes kunnen voorlezen, als mensen daar behoefte aan hebben. Eigenlijk heb ik dat inmiddels wel – want ik kan die twee delen omschrijven, maar wat als het dan nog niet aankomt?

Tot half een schrijf ik vlijtig door, sterker nog: ik schrijf een compleet nieuwe opening voor mijn boek. En dan begint het herschrijven. Na een uurtje of anderhalf merk ik dat de scherpte er af gaat, dat ik denk ‘ach het is wel goed zo.’ Gelukkig is het tijd voor de lunch en praten we samen door. Voorlezen doen we nog niet. In de middag zoek ik een ander plekje op, stiekem inmiddels wel mijn lievelingsplekje: het prieel onder de druivenboom. Ja boom ja – want een struik kun je dit (volgens mij) niet meer noemen. Je hebt vanaf daar een mooie uitkijk en, niet onbelangrijk, je kunt er heerlijk snoepen van de zoete, witte druiven. Tegen vier uur, dan heb ik dus zo’n twee en half uur geschreven, is de inspiratie op. Mijn proloog zit in het nieuwe format, maar durf ik het ook te delen, voor te lezen? Ik ben hier gekomen om verder te komen en je komt alleen verder als je durft te delen. Denk ik… Ik dwaal een stukje over het land en loop de berg op. Op de weg terug naar beneden denk ik ‘wat is het ergste dat er kan gebeuren? Dat ze het nog steeds niets vinden? Dan kun je dat maar beter nu weten.’

Ik lees een stukje voor aan een van de andere ‘thuisblijvers.’ Ze luistert aandachtig en alleen dat doet me al goed. En, hoera!, ze vindt het mooi. Zonder achtergrondinformatie, zonder mitsen en maren van mijn kant noemt ze een aantal dingen en denk ik ‘ja! Hier kan ik mee verder.’ En dus neem ik me voor om morgen, op dag 4, door te schrijven in deze stijl. En een stukje te delen met de hele groep. En Marelle. Spannend!

Schrijfvakantie – dag 1

We beginnen de schrijfcursus met het uitspreken van de verwachting – wat wil je aan het einde van deze week voor elkaar hebben? Marelle waarschuwt ons dat de verwachting dat je aan het eind van de week je boek afhebt geen realistische verwachting is. Ik slik. Want als ik eerlijk ben, denk ik in deze komende week de helft van mijn boek af te hebben. Om je een idee te geven: op het moment van starten van de schrijfweek ben ik op minder dan een achtste. Mijn boek bestaat uit 8 delen en een proloog; ik heb er ongeveer eentje af, plus de proloog. In eerste versie…

Misschien denk je ‘hoe komt ze erop, dat dit überhaupt mogelijk is in 6 dagen?’ Dat is gebaseerd op het schrijven van mijn scriptie. Daar stond in totaal een periode voor van, geloof ik, een half jaar. Al denk ik dat ik al eerder begon, namelijk zo in september en uiteindelijk ben ik in mei afgestudeerd. In die zelfde tijd moest ik ook nog een mondeling tentamen doen, misschien nog wel een vak en werkte ik eerst 20 en later 32 uur. Waarom niet? Het voorwerk deed ik door de week en uiteindelijk schreef ik de hoofdstukken dan steeds in een weekend. Dat weekend blokte ik helemaal – mijn eega (toen nog vriendje) was er dan niet, of zag ik niet en ik sprak met niemand wat af. Het was nog voor de tijd dat Facebook echt een storende factor was en helemaal nog voor de tijd van WhatsApp. O en internet liep via de telefoonlijn, dus dat had je ook niet de hele dag aanstaan. Ruwweg schreef ik mijn scriptie in denk ik 6 tot 8 weekenden ofwel 12 tot 16 dagen.

Voor het boek heb ik inmiddels een heleboel bouwstenen. Ik weet hoe het moet worden opgedeeld en wie de hoofdpersonen zijn – ook al hebben ze nog geen definitieve naam. Ik heb een heleboel gebeurtenissen die ergens een plek moeten krijgen; ik laat het schrijven een beetje bepalen waar het logisch is om de gebeurtenissen te benoemen. Ik weet dat het 8 periodes zijn en wat er in die periodes gebeurt. Oftewel: al het voorwerk is volgens mij gedaan en dus gaan die 8 weekenden of 16 dagen zo’n beetje in.

Dacht ik.

Want nu terug naar de schrijfweek. Ik schrijf het volgende op als doelstelling voor deze week: Aan het einde van de week wil ik de losse gebeurtenissen die ik heb genoteerd uitgewerkt en geplaatst hebben. Ik lees het voor. En dan besluit ik een inkijkje te geven in hoe mijn brein functioneert en voeg er aan toe ‘maar stiekem heb ik wel de ambitie om na deze week op de helft van mijn boek te zijn.’ Marelle benadrukt (nogmaals) dat dit een enorm hoge, zo niet onmogelijke ambitie is. Mijn meedogenloze ik denkt ‘hoog ja – onmogelijk nee.’ Na de lunch vertrek ik naar het prieeltje – een van de schrijfplekken in de schaduw, waar ik van onder een mooi afdakje uitkijk op de Portugese bergen. En waar de druiven klaar zijn om geplukt te worden.

Dit was ‘mijn’ schrijfplek op dag 1

Het einde van de eerste schrijfdag is inmiddels in zicht en ik ben eigenlijk wel tevreden met wat ik heb bereikt. Het eerste deel is voor nu compleet, met het derde deel ben ik begonnen. Nee ik schrijf niet chronologisch – dus deel twee is niet ineens nu ook af. Maar het staat wel in de steigers – inclusief gebeurtenissen die er in moeten komen. En dus lijkt ook mijn hoge ambitie nog prima haalbaar – toch? Op naar het schrijfcafé dus; de afronding van deze eerste officiële dag. Waar ik met een voldaan gevoel op terug kijk – one down, three to go. Delen dus – want dagen heb ik nog meer!