Categorie archief: Verdwaald in Tirol – het boek

Hier komt alles dat te maken heeft met Verdwaald in Tirol te staan.

Schrijfretraite – dag 4

Dag 4 – ik begin me een beetje eenzaam te voelen. Gelukkig komt mijn zusje richting Vlissingen, met de belofte dat ze me laat werken op de momenten dat ik dat wil. Ik ben al op tijd wakker en begin aan het vierde deel van mijn boek. Ik besluit het niet chronologisch aan te pakken, maar gewoon willekeurig wat gebeurtenissen uit te werken. En nog niet te veel te kijken naar de precieze formuleringen, dat komt nog wel.

Ik krijg al bericht van mijn meelezer tegen het eind van de ochtend. ‘Iets’ (lekker vaag hè!) van Steffi is haar nog niet duidelijk, ook niet nadat ik bepaalde onderdelen heb omgewerkt sinds ze haar vorige reactie gaf. Op dat moment staat mijn zusje bij de ingang. We kletsen bij en voor het eerst vertel ik haar ook wat meer over het boek. Ik vertel ook waar ik vandaag tegenaan ben gelopen, dat ik voor dit onderdeel nog maar weinig input heb en dat, weer een tipje van de sluier, er eigenlijk ook weinig gebeurd in deze periode van het verhaal. Hoe houd je het dan wel boeiend voor de lezer? Misschien is het juist omdat ze voor het eerst over deze ‘schrijfproblemen’ hoort, maar ze geeft wat opmerkingen en adviezen en dan valt het kwartje. Bijzonder!

Dit brengt me trouwens ook op een mogelijk nadeel van zelf een retraite organiseren, in je eentje dus: je hebt geen sparpartner. Later op de dag heb ik ook mijn eega gebeld, maar concreet op het moment dat ik vastliep was er niemand om even mee te sparren. Ik stel me zo voor dat als je met een groep gaat, of misschien met een schrijfmaatje, dat je dan in ieder geval samen eet en dan kun je op dat moment samen sparren. Dat is misschien ook niet concreet op het moment dat je vastloopt, maar dan weet je wel ‘over een uur kan ik dit met iemand delen.’ Het zal niet voor iedereen zo werken – dat weet je denk ik zelf het beste.

Na een lunch op het strand, besloten we nog een stukje te wandelen. Maar ik werd onrustig en mijn zusje stuurde me naar huis, ze liep zelf nog wel verder. Ik werkte het idee uit en herschreef ook nog onderdelen van de eerdere delen, met input van mijn meelezer. Toen ze rond vieren terugkwam, zaten we even in het ietwat waterige zonnetje. We besloten in het huisje te eten en ook daar hoefde ik niets voor te doen – wat een luxe. Ik werkte verder, schrapte, herschreef en was uiteindelijk toch tevreden met wat ik schreef voor deel 4. Het telefoontje met mijn eega gaf me nog wat inzichten en zorgde nog voor een klein beetje herschrijven. Maar daarna was de inspiratie ook echt op. Ik plofte naast mijn zusje op de bank en we keken een film die we ook zo op Netflix hadden kunnen kijken. Maar op de bank, onder een dekentje kijken naar de TV is soms ook heel gezellig.

Schrijfretraite – dag 3

Zondag is al een hele tijd de hardloopdag bij uitstek en dus besluit ik vandaag ook gewoon te gaan. Want ik moet toch naar buiten en waarom daar dan niet mee beginnen. O ja en het is ook nog prachtig weer, had ik dat al gezegd? Ik besluit richting Dishoek te rennen, waar we vroeger als gezin ooit op vakantie zijn geweest. Nog met oma, dus echt jaren geleden. Het huisje van toen vind ik natuurlijk niet terug, misschien staat het er ook al lang niet meer. Gisteren had ik tijdens mijn wandeling al ontdekt dat ik de strandtijd van destijds in ieder geval niet terug kon vinden. Wie weet is die ook al lang afgebroken. Ik loop deels achter de duinen langs, via mooie bospaden en deels ook door de duinen. Wat pittig is met het op- en aflopen van de duinen. Het strand laat ik rechts liggen, want ook al is het nog best vroeg, het is al wel behoorlijk druk en omdat het vloed is, is het strand smal.

Genieten, dat lopen door de duinen.
Al weet ik nu wel zeker dat ik nooit de kustmarathon ga doen!

Eenmaal terug in het huisje lees ik eerst de tekst van gisteren nog eens door. Hoewel ik meters wil maken, wil ik ook geen broddelwerk afleveren. Ik heb mijn vaste meelezers al gemeld dat deel 3 er bijna aankomt – dus het moet nog even doorgelezen worden. De rest van de dag ben ik bezig met dat deel 3. En dat blijkt niet makkelijk want ik heb nog veel open vlekken in dit deel. Wel losse gebeurtenissen genoteerd, maar nog niet uitgewerkt. En dat uitwerken is hard werken. Ik merk dat ik dan toch vaak weer overga op het te feitelijk beschrijven en te weinig gebruik maak van show, don’t tell. Daarmee wordt bedoeld dat jij straks, als lezer, moet zien en voelen uit hoe ik het beschrijf wat ik bedoel, dat ik je dus niet ga zeggen wat je moet zien en voelen. Maar goed – eerste versie hè, meters maken – dat herschrijven en finetunen, dat komt nog wel. Is het idee… maar in de praktijk vind ik dat dus lastig.

Een voorbeeldje van dat herschrijven? Versie 1 schreef ik voor ik naar Portugal ging, versie 2 daarna.

Versie 1
Een kwartier later, na nog wat omrijden en gevloek bij straten die we echt niet in mogen, staan we dan toch voor de deur van ons nieuwe huis. Het gebouw oogt grauw, maar de gang doet me Frans aan en ziet er helemaal niet verkeerd uit. Een mooie brede trap brengt ons op de eerste etage, waar Nout me voor het eerst welkom heet in ons nieuwe huis. Drie grote kamers met hoge plafonds en een oude houten vloer.

Versie 2 (nou ja… 5 denk ik, als ik eerlijk ben!)
Een kwartier later, na nog wat omrijden en gevloek bij straten die we echt niet in mogen, staan we dan toch voor de deur van ons nieuwe huis. Het gebouw, een oud herenhuis ergens uit de achttiende eeuw, oogt grauw in dit licht. In de gang hangt een lucht die ik niet echt thuis kan brengen. Een beetje muf, alsof je in rondloopt in de catacomben van een oude kerk. Het licht in de gang springt al uit, maar de brede trap naar de eerste etage van het oude huis is nog te zien. Bovenaan de trap, op de eerste verdieping, maakt Lex de deur direct links van de trap open en heet me welkom in ons nieuwe huis. Het ziet er allemaal ruim uit, ook door de hoge plafonds. De houten vloer kraakt onder mijn voeten als ik richting badkamer loop. Echt inspecteren lukt nu niet, aangezien er alleen in de badkamer licht is.

Aan het einde van deze dag heb ik deel 3 af en stuur ik het door. Eens kijken of ze het nog steeds boeiend vindt. En ik krijg een peptalk van mijn eega. Die vindt dat het al heel wat is als ik deze week de hoofdlijn weet uit te werken en volgens hem het klinkt alsof dat wel gaat lukken. Hm. Als ik de hobbels benoem, weet hij me op te beuren met het bericht dat niemand ooit heeft gezegd dat het makkelijk zou zijn, een week schrijven. Niemand – behalve ikzelf dan natuurlijk. Morgen wacht me de schone taak om te beginnen aan deel 4. Een deel waar ik de opbouw van heb en per hoofdstuk een aantal gebeurtenissen, maar verder staat er nog niets op papier. Op tijd naar bed dan maar – zodat ik in ieder geval uitgerust aan deze uitdaging kan beginnen.

Schrijfretraite – dag 2

Dag twee begint op tijd, om 8u. Voor ik begon aan deze schrijfretraite, las ik me namelijk in en noteerde belangrijke tips. En wees maar niet bang: aan het einde van deze week krijg je natuurlijk ook mijn tips te lezen, hoef jij niet op zoek naar die verschillende blogs als je daar geen zin in hebt. Maar goed, een van van die tips: zorg dat je in een goed ritme komt. Niet te laat naar bed, op een normale tijd opstaan. Ik overwoog of ik een stukje zou gaan hardlopen – een andere tip die ik las: zorg voor voldoende buitenlucht – maar ik merkte aan alles dat ik nu echt wilde beginnen. En dus ging ik na het ontbijt aan de slag. Eerst met het aanpassen van de twee delen die ik al heb laten meelezen en waar ik nog wat losse eindjes in had. Je zou denken dat die er steeds minder zijn, maar niets lijkt minder waar. En: als ik nu wat verander in deel 1, heeft dat meestal ook consequenties voor de delen daarna. Na het aanpassen in volle vaart verder met deel 3.

Rond een uur of een merkte ik dat de scherpte er af was en was het ook tijd om te lunchen. Maar na de lunch was de inspiratie nog niet terug. Dan maar even naar buiten, want dat ‘moest’ nog volgens de tips. En laat ik eerlijk zijn: buiten lonkte opnieuw de zon en daarmee voelde het eerder als een straf om nu nog binnen te blijven zitten. Het was echt prachtig weer en de omgeving (het strand bij Vlissingen) vroeg er om dat ik het wat verder ging verkennen. Tijdens de wandeling liet ik mijn verhaal niet los; dat krijg je als je daar in je eentje loopt en je gedachtes doormalen. Een van de dingen die me inviel was dat ik wel erg veel vrouwen in mijn boek heb en dat de mannen eigenlijk allemaal de zwarte piet krijgen toegespeeld. Dat moest anders, maar hoe? Tijdens de wandeling viel de oplossing me in – eigenlijk was die heel simpel. Het volgende probleem was dan natuurlijk een naam voor het veranderde personage (zo simpel is het!) en ik weet inmiddels dat ik moeite heb met namen. Want de namen van twee personages moeten vaak bij elkaar passen en dat vind ik niet altijd makkelijk.

Na een mooie wandeling besloot ik om ergens wat te eten. Grappig genoeg is dit iets dat ik al in Innsbruck op de lijst van mijn project zero had staan: ’s avonds alleen ergens wat eten. En wat ik nooit deed. Of het beviel? Ik vond het wat ongemakkelijk om te gaan zitten, maar zo aan het einde van de middag en net voor de echte avonddrukte was er genoeg plek en had ik niet het idee dat ik een tafeltje bezet hield waar meer mensen aan hadden kunnen zitten.  Ik vermaakte me tijdens het eten met nadenken over wat er nog meer op mijn lijst stond en hoe anders de lijst van Steffi zou zijn. Inmiddels is Steffi in mijn hoofd een heel eigen persoon geworden namelijk. Zo bleef ik ook tijdens het eten in de mood en liep ik opnieuw vol inspiratie terug.

Een heerlijke salade met dito glas wijn bij BLVD. Aanrader!

Om me te realiseren dat ik nog steeds geen naam had voor mijn personage dat zo maar van geslacht veranderde (ging dat in het echte leven maar zo makkelijk voor de mensen die dat willen!). Ik raadpleegde de namen databank en vond een voorlopige naam. En daarmee was de volgende stap het aanpassen van de delen 1 en 2, want ook daar zat dit personage in. Terwijl ik dat aan het doen was bedacht ik me dat ik ineens wel veel progressieve stellen in mijn roman heb gestopt. Voor ik besloot om dat weer te gaan aanpassen bedacht ik me wat het doel was van deze week: meters maken, doorschrijven. Herschrijven komt wel weer als er meegelezen is. En dus ga ik nog even verder, na dit korte intermezzo.

Laatste blik op het strand voor vandaag

Edit: eenmaal terug thuis en na een gedachtewisseling hierover met een zeker persoon, denk ik dat ik dat ik de gedaantewisseling voor het betreffende personage toch weer ongedaan ga maken.