Categorie archief: Niet lullen maar poetsen – over Rotterdam

Hierin komt alles dat te maken heeft met leven in Rotterdam

#50books: mijn allerliefstelievelingsboekwinkel

Martha stelde in het kader van #50books de vraag naar welke boekhandel je het liefst gaat. Daar is natuurlijk geen enkele twijfel over mogelijk: Donner! En niet pas sinds kort – nee echt al en hele tijd. Een verhaaltje over boeken kopen!

Ooit, toen ik nog op de middelbare school zat en als enige bijverdienste oppassen had, moest ik flink sparen voor ik een boek kon kopen. Al helemaal omdat ik bij voorkeur ook nog hardbacks kocht – die natuurlijk een stukje duurder waren dan de paperbacks. Ik ging toen naar Van Pierre, gevestigd in de Eindhovense Heuvelgalerie. Een prachtige winkel en ik weet nog welk boek ik er als eerste kocht: De Vriendschap van Connie Palmen. Het was een grote winkel, met een mooie ronding erin (dankzij de vorm van de Heuvelgalerie). Maar deze winkel viel in het niet bij Donner – waar ik wel een paar jaartjes later voor het eerst kwam.

Donner zat toen nog in een enorm pand aan de Lijnbaan. Ik weet niet meer hoeveel etages het waren – veel in ieder geval. De afdeling kookboeken heb ik nog goed voor ogen, net als de afdeling met Engelstalige boeken. Ik weet ook nog hoe treurig het er was toen Polare bijna failliet ging – allemaal bijna lege kasten. Van het boekenparadijs was toen bijna niets meer over. Toen Polare eenmaal echt failliet ging, was er gelukkig een aantal van de werknemers die via crowdfunding deze markante zaak wilde redden en via de crowdfunding – ja wij deden natuurlijk ook mee! – haalden ze binnen enkele dagen het beoogde bedrag op. En heel snel werden de kasten weer gevuld.

Niet veel later verhuisde Donner – want het pand was toch wel erg groot. Nu moet ik eerlijk zeggen dat ik de nieuwe locatie zeker zo mooi vind – het oude ABN-AMRO gebouw. Groot voordeel is dat alles op een vloer is – je loopt zo van de ene selectie naar de andere. Dat zal straks wel weer anders zijn – want er wordt verbouwd. Tsja – je bent een Rotterdams bedrijf of je bent het niet 😉 Hier moet alles steeds anders – af is het nooit.

Misschien denk je ‘waarom kom je dan zo graag in de boekhandel? Je kunt toch ook gewoon op bol.com kijken?’ En ik zal de eerste zijn om toe te geven dat ik dat ook doe. Mede ook omdat ik inmiddels een e-reader heb – de boekenkast was steeds vol en met een voorliefde voor dikke boeken, is een e-reader in de trein en op vakantie toch wel handig. Maar toch – de sfeer van Donner maakt dat ik toch regelmatig ‘even’ binnenloop. Vooral om me te laten inspireren, om kaartjes te kopen (ja dat doe ik ook ja, ondanks Cardcetera) en in kookboeken te bladeren.

Afhankelijk van hoeveel tijd ik heb, kijk ik op verschillende afdelingen. Een afdeling die ik eigenlijk nooit oversla is de Young Adult sectie. Het blijft een favoriet genre en Donner heeft een enorm uitgebreide selectie – zowel in het Engels als in het Nederlands. Ik kan er niet zo goed zonder iets te kopen weg…. Het wordt fijn gepresenteerd – niet alleen in de winkel, maar ook via Facebook. Heb ik echt veel tijd, dan ga ik even in de paarse zetel bij de Harry Potter kast zitten lezen. En kijken wie er nog meer op deze afdeling rondlopen en waar ze het over hebben. Heerlijk.

Jammer genoeg staat Donner niet in het boek met 111 plaatsen in Rotterdam die je gezien moet hebben las ik gisteren. Onterecht wat mij betreft – voor mij is het toch echt wel een van de iconen van Rotterdam. Mede ook door de continue transformaties.

Zo Martha – een wat langer antwoord op je vraag dan je misschien verwacht had 😉 Maar ja – je bent dol op een boekwinkel, of je bent het niet 😉

Marathon training – part deux

Begon u al te denken ‘met die marathon gaat het zeker net zoals dat boek? Ze begint vol enthousiasme, maar opvolgen ho maar!’ Of spookt die gedachte alleen in mijn hoofd rond? Hoe het ook zij – niets is minder waar. Maar ja Verdwaald in Tirol  is geen hardloopblog, dus om nu wekelijks een update te schrijven – nee dat zie ik niet zitten. Bij mijlpalen zal ik een update schrijven, afgesproken? Anders wordt het ook wel een beetje saai denk ik. ‘Deze week drie keer gelopen – ging goed.’ Het is nu eenmaal vooral veel en vaak trainen, punt.

Maar goed, zondag (morgen dus!) is er een mijlpaal – precies een half jaar voor de hele marathon in Rotterdam loop ik voor de vierde keer de halve van Eindhoven. En ik hoop daar dan toch eindelijk mijn PR te verbreken – dit liep ik de eerste keer in Eindhoven en helaas is het me de keren daarna nooit gelukt om het te verbreken. De tweede keer ging ik gewoon echt veel te snel van start en dat moest ik bekopen in deel twee van de race. Tijdens de halve van Leiden die ik daarna liep was ik net hersteld van een flinke val op mijn knie – toen ging ik voor uitlopen en dat lukte. Vorig jaar in Eindhoven twijfelde ik tot een paar dagen van te voren of ik überhaupt wel zou starten – na een fikse verkoudheid en dus een slechte voorbereiding. En dit voorjaar in Berlijn, nou laat ik maar eerlijk zijn: toen had ik gewoon eigenlijk te weinig getraind. Uitlopen ging prima – maar een PR zat er niet in. Genieten wel en dat deed ik toen ook!

En nu? Nu heb ik eigenlijk een goede voorbereiding gehad. In juli en augustus liep ik drie keer per week en heb ik minimaal een keer per week aan krachttraining gedaan – in augustus zelfs een paar weken twee keer per week, om de vakanties in te halen. In september genoten we nog even in Griekenland – waar ik niet liep, ook al had ik mijn schoenen wel bij me. Maar na die 10 dagen pakte ik het schema weer netjes op. Ik heb geen last van blessures – het lijkt dus qua voorbereiding niet stuk te kunnen. Behalve een irritante verkoudheid dan – maar hé die had ik vorig jaar ook en die hield me tijdens de race niet tegen. Omdat ik echt mijn PR wil verbreken, ben ik wel zenuwachtiger dan normaal. Want je kunt gewoon een rotdag hebben, zo’n dag dat het gewoon niet wil, je geen zin hebt en je benen aanvoelen alsof ze van kauwgom zijn. Of je kunt slecht slapen de avond van tevoren. En je kunt dus verkouden worden. Het kan enorm regenen of net te warm zijn – kortom er zijn genoeg dingen die ik niet onder controle heb.

En dat is meteen een aspect van het hardlopen waar ik soms moeite mee heb; dingen die je niet onder controle hebt. Normaal iets minder – maar nu 9 april in grote letters in mijn (mentale) agenda staat wel iets meer. Want wat als ik een periode niet kan trainen, om wat voor reden dan ook? Of wat als het een enorm strenge winter wordt en het dan 9 april ineens 30 graden is. Of wat als ik ineens buikkrampen krijg, of last van mijn kuiten of scheenbenen? Wijze mensen zeggen dan dat je alleen moet focussen op wat je wel onder controle hebt: regelmatig trainen, afwisselen tussen intervallen en duurlopen, genoeg slapen en voldoende (maar niet te veel) eten en drinken. Ok. Ik probeer het – al heb ik soms wel een aanval van ‘ja maar….’

Naar Rijswijk gelopen – volgende keer Den Haag!

Voorbereiding, ook zo’n belangrijk punt. Ik klooi meestal maar een beetje aan, maar dan haal je de Coolsingel dus typisch niet. Dus ben ik nu voor het eerst serieus aan het kijken naar een schema – aan het kijken ja, pas na Eindhoven weet ik wat ik nu waard ben en kan ik met die tijd verder gaan kijken in zo’n schema. Daarnaast ben ik ook voor het eerst echt aan het proberen om te intervallen. En dat vind ik dus echt lastig – want ik heb geen goed gevoel voor hoe snel (of hoe langzaam) ik loop. Daar heb ik mijn horloge echt bij nodig – maar soms wantrouw ik dat ding. Hoezo ben ik eigenwijs? Misschien dus toch maar eens op de loopband gaan proberen, die intervalletjes…

Afwisseling is ook essentieel. Niet alleen tussen intervallen en duurlopen, ook tussen inspanning en ontspanning en voor mij ook in die routes die ik loop. Ik ben nogal een gewoontedier, dus liefst loop ik altijd op dezelfde dagen, in een gelijkmatig tempo en over dezelfde route. Maar ja, als het even een dagje minder goed uitkomt, dan moet je toch flexibel zijn. En de route langs de Maas is mooi, maar drie keer per week, 8 maanden langen? Mwah. En die heeft natuurlijk ook een bepaalde lengte en je moet ook soms langer lopen. O en korter, korter ook natuurlijk. Inmiddels heb ik dankzij mijn eega een nieuwe route, namelijk de route richting Den Haag. Mijn eigen route naar Delft was namelijk best saai, zo langs de snelweg. Hij vertelde me over een route langs de Schie en een tijdje terug liep ik die, eerst naar Delft en dan door naar Rijswijk. Den Haag haalde ik nog niet – voor eind oktober wil ik daar geweest zijn. En daarna, daarna Scheveningen natuurlijk.

Maar nu eerst zondag dat PR in Eindhoven verbreken. Of ik het haal? U leest het snel – dat beloof ik. Of ja je kunt ook gewoon even kijken op uitslagen.nl en zoeken op Astrid Habraken. Niet alleen op Habraken – er zijn er namelijk meer met die achternaam die hardlopen…. Of: kom zondag langs de route staan. Met spandoek. En toeters.

Mijn startnummer van dit jaar?  F4433
2014 – dat jaar blies ik mezelf op door te snel van start te gaan… Mijn startnummer van dit jaar? F4433
The sky is the limit

Links, rechts of toch rechtdoor?

Als je mij al een tijdje kent, dan weet je dat ik in januari enorm enthousiast kan worden van het idee van een eigen B&B, maar dat ik in augustus al weer vergeten kan zijn dat ik dat idee ooit opperde en dat ik inmiddels een toegewijd content manager ben en nooit meer wat anders wil. Nou ja – nooit zeg ik eigenlijk niet zo vaak bedenk ik me nu. Ik ben niet iemand die één droom heeft en die altijd heeft gehad. Toen ik net op het VWO zat was ik er van overtuigd dat ik kinderpsycholoog wilde worden. Vraag me niet waarom ik dan precies kinderen wilde behandelen… Een paar jaar later was ik er van overtuigd dat ik naar de hogere hotelschool wilde. Daar was ik zelfs zo zeker van dat ik in de zomervakantie tussen 4 en 5 VWO het vak Economie II inhaalde – want dat was een vereiste – en dat ik doorging met Frans, want je moest een tweede moderne vreemde taal in je vakkenpakket hebben. Toewijding toch? Aan het einde van mijn middelbare schoolperiode wist ik het allemaal niet meer echt en ging ik maar in Tilburg ‘iets met Nederlands studeren.’ Ik was nog nooit in Tilburg geweest en had eigenlijk geen idee van de inhoud van de opleiding. Gemotiveerd? Nee, niet echt – maar ach je moet wat als achttienjarige.

Toen ik alsnog terug ging naar de universiteit, na een redelijk flitsende ICT-carrière inclusief wat lessen technische informatica, koos ik niet met mijn verstand maar met mijn hart. Ik ging Nederlands studeren en koos voor de meest klassieke opleiding, die in Leiden. 15 jaar na dato kan ik wel toegeven dat dit ook wel een ietsiepietsie klein beetje te maken had met het feit dat mijn toenmalige verkering en mijn inmiddels man daar ook studeerde. Een feit dat ik destijds met verve ontkende. Ik dacht dat ik vast Indische letterkunde zou kiezen, of misschien wel de overstap zou maken naar Literatuurwetenschap. Uiteindelijk koos ik voor de zeer praktische richting Middelnederlandse taal- en letterkunde – gewoon, omdat ik dat echt leuk vond. En tsja voor de klas wilde ik toch al niet, dus ik dacht ook wel een beetje ‘wat ga ik ‘later, als ik groot ben’ überhaupt nog met mijn opleiding doen? Dan maar liever kiezen wat ik leuk vind en niet de vakken waarmee ik les kan gaan geven.’ Ik volgde er ook wel eens een extra vakje bij, omdat me dat op dat moment interessant leek – maar vaak raakte ik na enige tijd wel mijn interesse kwijt en strandde ik ergens halverwege dat vak.

Dat had ook alles met een gebrek aan tijd te maken. Want ik studeerde niet alleen, ik werkte er ook veel bij. Fulltime studeren was niet echt aan mij besteed, misschien ook wel omdat we nou ook weer niet zo veel colleges hadden en er dus best veel tijd ‘over’ was. De meeste jaren werkte ik naast mijn studie zo’n 16 tot 24 uur; toen ik afstudeerde werkte ik zelfs 32 uur. Mijn scriptie schreef ik volgens mijn ega in een aantal weekenden – al ging daar natuurlijk wel een hoop onderzoekstijd aan vooraf. Enige tijdsdruk zorgt bij mij zeker voor een beter resultaat 🙂 Eenmaal afgestudeerd begon ik al snel voor mezelf – ooit met het idee om dan vooral te schrijven, maar het kwam er vaak op neer da ik echt grote schrijfopdrachten niet kon aannemen, omdat ik als projectuitvoerder aan het werk was, of als salespromotor. Eigenlijk heb ik pas dit jaar voor het eerst een echt grote schrijfopdracht gedaan en dat dan eigenlijk nog ongepland ook.

Ik kan nog wel even doorgaan met schrijven over alle ideeën die ik gehad heb over mogelijke invullingen van mijn werkzaam bestaan. Die variëren van het idee dat ik coach zou kunnen worden (dat idee heeft maar heel kort bestaan) tot een eigen koffiekaartencafé (dat idee bestaat nog steeds) tot een sabbatical om een boek te schrijven (na mijn recente schrijfklus heeft dat idee wat minder glans). Met alle professionele dwalingen en verzuchtingen ‘het moet anders’ heb ik een heel arsenaal aan boeken en theorieën doorgeworsteld. Van Getting things done tot Timemanagement volgens Convey en nog een heleboel boeken en websites, maar steeds kwam ik tot de conclusie dat ik misschien een prima projectmanager ben binnen een bedrijf, maar niet als het om mijn eigen leven gaat. Ik wil me wel focussen, maar voor ik het weet heb ik al weer ja gezegd tegen een nieuw project (omdat het leuk, nieuw en spannend is) en verdwijnt de to do list toch weer in de kast.

Soms heb ik het idee dat ik me moet verontschuldigen voor het feit dat ik nog steeds maar 2 modules onderwijskunde heb gevold, ik sinds juni weer niet heb geblogd (althans, niet hier) en er van die sabbatical ook maar niets komt. Om over het maken van strategische plannen voor Flytande, Cardcetera of het boekenkaartenkoffiecafe maar te zwijgen. Nu kun je zeggen ‘hoezo verontschuldigen, van wie moet je die dingen allemaal? Van jezelf toch?’ en dan heb je gelijk. Alleen ik ‘klaag’ natuurlijk wel heel vaak over ‘geen tijd, te druk, wanneer kan ik nou eens een weekend in pyjama op de bank gaan zitten.’

Enfin – deze heel lange inleiding heb ik geschreven om tot een punt te komen, namelijk om het begrip multipotentialite te introduceren. Toen ik het volgende TEDx filmpje zag dacht ik ‘ja! Dat dus!’ Want ik blijk helemaal niet de enige te zijn die het liefst zes balletjes in de lucht houdt, heel veel totaal verschillende dingen leuk vindt en er dan, onbescheiden gezegd, ook nog redelijk goed in ben. Dus, zonder verdere introductie hierbij het filmpje – wie weet zijn er mensen die zichzelf er ook in herkennen of denken ‘ow, zo gaat dat bij Astrid.’ Ongeveer dan – want heel vaak bereik ik niet eens het punt dat ik ook daadwerkelijk iets doe met een plan en sneuvelt het al voordat ik kan ervaren of ik goed ben in hetgeen me leuk lijkt om te gaan doen.

Meer weten? Klink dan even door naar de site van Puttylike, of volg de site op Facebook.

PS: dit hele relaas gaat dus ook op voor mijn hobby’s, muzieksmaak en kledingstijl 😉 Maar die onderwerpen heb ik maar even buiten beschouwing gelaten, want dan heb ik al een hoofdstuk van dat lang verwachte boek geschreven!