Categorie archief: Nederland

De Wisselpen: Verdwaald in Tirol goes folio!

Toen mijn moeder me vroeg of ik De Wisselpen van haar wilde overnemen dacht ik eerst ‘ja leuk!’ En toen vroeg ik haar ‘mag dat dan wel? Want ik woon al zo lang niet meer op de Merckthoef?’ Maar dat was geen probleem volgens mijn moeder – want ik kom er immers nog heel vaak, aangezien mijn ouders daar nog wel gewoon wonen. Zoals jullie allemaal hebben kunnen lezen in de vorige editie (die van mei 2016; online na te lezen via deze link). Ik ben dus Astrid Habraken – van Esdonk, geboren en getogen aan de Merckthoef, maar sindsdien regelmatig verhuisd.

In 2000 verhuisde ik van Eindhoven naar Leiden om te gaan studeren. Een beetje later dan gepland, omdat ik na een niet zo succesvolle eerste poging tot studeren in Tilburg eerst een paar jaar had gewerkt. Nadat ik verkering kreeg met Steven, inmiddels al zes jaar mijn man, en ik zag wat hij beleefde als student in Leiden, besloot ik om mijn baan bij Philips op te geven en weer te gaan studeren. De eerste maanden in Leiden vond ik het maar zo – zo. Ik kan me nog herinneren dat ik klaagde over de buschauffeurs die volgens mij in Eindhoven iedereen vriendelijk begroetten, maar in Leiden maar nors waren. En de lange Brabantse nachten op feestjes en tijdens het uitgaan op Stratums Eind, dat had je in Leiden ook niet. Na een tijdje wende ik daar natuurlijk toch aan. Sterker nog, we besloten in Leiden te blijven omdat we ons er inmiddels echt thuis voelden. Ik begon na mijn studie een eigen bedrijf, als tekstschrijver en projectmanager, en mijn man ging promoveren. We kochten een huis – want kantoor houden in de slaapkamer van ons appartement dat werkte niet zo prettig. Ook gingen we voor het eerst op een lange reis: naar Amerika. Daar zijn we daarna nog een paar keer geweest – sterker nog, op het moment dat u dit leest zijn we er weer (inmiddels niet meer – zoals de trouwe lezers wel weten 🙂 ).

Er was bij ons allebei ook een kriebel om naar het buitenland te gaan. Tijdens onze eerste vakantie in Zweden kregen we voor het eerst het idee dat we daar wel wilden wonen. We schreven ons zelfs in voor een cursus Zweeds – al kwamen we nooit verder dan de eerste les. Maar de kriebel was zo sterk dat ik mijn bedrijf zelfs een Zweedse naam gaf: Flytande, wat vloeiend betekent in het Zweeds. Toen we eenmaal het huis hadden gekocht waren er denk ik veel mensen die opgelucht dachten ‘nu blijven ze wel in Nederland.’ Maar tijdens die eerste reis naar Amerika kwam het hoge woord bij ons beiden eruit: we vertrekken! Misschien niet voor altijd, maar toch in ieder geval voor een langere periode. Amerika stond hoog op de wensenlijst, maar ja: je moet toch eerst een baan vinden. Steven solliciteerde naar een baan als wetenschapper in Oostenrijk – onze volgende stap zou dan Amerika worden. En hoewel mijn Duits belabberd was, ik een hekel heb aan sneeuw en bergen was het vooruitzicht van Amerika genoeg om dit avontuur aan te gaan.

Lake Michigan bij Chicago - er zijn slechtere plekken om te wonen!
Lake Michigan bij Chicago – er zijn slechtere plekken om te wonen!

De voorbereidingen moesten in een razend tempo gebeuren: in april hoorden we dat hij in september kon beginnen. Tussendoor moesten we nog ‘even’ een huis verkopen, woonruimte vinden in Innsbruck, moest ik mijn werkzaamheden afronden en o ja, we gingen ook nog trouwen in september. Dat kwam mooi uit – want zo zagen we alle familie en vrienden nog even voor we vertrokken. De dag na ons huwelijk genoten we na in het bijzijn van de naaste familie en goede vrienden en de volgende dag stapten we in de auto naar Innsbruck. Waar ik tot op dat moment nog nooit was geweest – het uitzoeken van het appartement en het verhuizen van de eerste spullen had ik namelijk allemaal aan Steven overgelaten. Ik had het te druk met werk afronden.

Denkt u nu ook ‘het lijkt wel Ik vertrek? Weer zo iemand die onvoorbereid naar het buitenland gaat?’ Helemaal ongelijk kan ik u dan niet geven. De overgang van de drukke periode die laatste maanden in Leiden naar de rust en het even niet zo veel doen in Innsbruck was niet echt makkelijk voor mij. Ik schreef er regelmatig over op mijn blog, Vrouw van een wetenschapper. Ik dacht toen ook vaak terug aan de eerste tijd in Leiden, toen ik Eindhoven mistte. Maar dit was wel anders – ik kon niet echt wennen aan het wonen in zo’n kleine stad en de mentaliteit van de Oostenrijkers. Of beter gezegd: van de Tirolers. Mijn vader hield me wekelijks op de hoogte van wat er op de Merckthoef allemaal gebeurde. In ruil daarvoor stuurde ik dan een foto genomen vanaf ons balkon. We hadden namelijk uitzicht op de bergen en mijn vader heeft een liefde voor wandelen in de bergen. Een goede ruil – maar het was niet genoeg. Gelukkig was Eindhoven maar een dag rijden – ik kwam dus ook echt regelmatig naar Nederland. Ik denk dat ik in die tijd vaker in Eindhoven was dan toen ik nog in Leiden woonde. Ik had mijn ouderlijk huis als uitvalsbasis en zag mijn ouders en twee zussen heel vaak. Tijdens een van die verblijven kreeg ook het idee van een eigen webwinkel meer vorm – mijn zus Linda wilde dit wel samen met mij opzetten. Cardcetera opende in mei 2011 de virtuele deuren en zorgde er voor dat ik nog een extra reden had om vaker naar Eindhoven te komen – hoera!

Stapels post verstuur ik voor Cardcetera - hier nog vanuit de Merckthoef, inmiddels vanuit Rotterdam
Stapels post verstuur ik voor Cardcetera – hier nog vanuit de Merckthoef, inmiddels vanuit Rotterdam

De baan van Steven was tijdelijk, dat wisten we vooraf. Gezien mijn heimwee naar Nederland en het krijgen van een goed aanbod van een baan in Duitsland, ging de droom om voor langere tijd naar Amerika te gaan de koelkast in. Na tweeënhalf jaar Oostenrijk verhuisden we naar Erlangen – u misschien welbekend als overnachtingsplek op weg naar de wintersport. Gek genoeg kon ik in Duitsland wel aarden – niet omdat ik nu beter Duits sprak, in Oostenrijk had ik namelijk niet zo veel bijgeleerd. Maar Duitsers blijken echt wel anders dan Oostenrijkers en belangrijker nog: in Erlangen was een wat actievere expatgemeenschap actief, waardoor ik al snel wat leuke dames leerde kennen. De leukste dame daar leerde ik kennen via Postcrossing – een project waarin je kaartjes stuurt naar mensen over de hele wereld. Ze zag dat ik ook in Erlangen woonde en nam contact op. Ook nu zie ik haar nog af en toe, al sturen we nu weer vaker een kaartje. Intussen bleef in Eindhoven de webwinkel wel doorgroeien, maar met de deskundige hulp van mijn moeder ging dat allemaal goed. Veel dingen konden we ook prima op afstand regelen – bijvoorbeeld via Skype.

Helaas had Steven het in Duitsland wat minder naar zijn zin. Reisde ik vanuit Innsbruck vaak alleen naar Eindhoven, nu gingen we meestal samen. En er waren ook genoeg redenen voor, zoals ouders die zestig werden en vrienden die gingen trouwen en waar we ceremoniemeester voor waren. In die tijd waren we zo vaak in Eindhoven dat mensen bij mijn ouders in de straat denk ik soms verbaasd waren als we er een weekend niet waren. Vooruit – ik overdrijf het, maar toch maar een beetje. En dus gingen we weer om ons heen kijken. Na wat sollicitaties in Nederland en kijken naar banen in Duitsland, solliciteerde Steven begin 2014 in Rotterdam naar een baan bij de Daniel den Hoed kliniek in Rotterdam. En wat wil het toeval? Ik wilde altijd al in Rotterdam wonen. En zo geschiedde: sinds mei 2014 wonen we in het centrum van deze prachtige stad. Die me soms overigens ook erg aan Eindhoven doet denken. Voor mij betekende dit ook dat mijn werk weer uitdagender is geworden – tijdens de periode in het buitenland werkte ik vooral voor opdrachtgevers die ik al langer kende.  En inmiddels is Cardcetera ook helemaal verhuisd naar Rotterdam.

Uitzicht op de cruiseterminal Rotterdam
Uitzicht op de cruiseterminal Rotterdam

We kijken uit op de Erasmusbrug en de cruiseterminal. En terwijl ik dit schrijf, ligt de Rotterdam, een van de cruiseschepen van de Holland Amerika Lijn, aan de overkant aangemeerd. En dan komt toch weer die kriebel naar boven, dat buitenlandavontuur dat blijft lonken. Misschien blijft het wel bij vakanties, misschien trekken we ooit de stoute schoenen aan en gaan we toch echt weg. Gelukkig heb ik dan altijd een mooie uitvalsbasis aan de Merkcthoef, waar ons bed altijd klaar staat.

Leuke dingen

‘Wat doe jij leuke dingen’ – dat typte een klant van Cardcetera vandaag naar mij in een Facebook chat die we hadden. Ping – reality check! Want ze heeft natuurlijk groot gelijk. De laatste paar weken staat bij mij veel in het teken van het rustiger aan doen (qua werk), minder moeten en meer genieten. Dit omdat ik enigszins gejaagd overkom (en me ook wel voel) en ik slecht slaap. Niet twee dagen of weken, maar al zo’n anderhalf jaar. Maar eigenlijk, eigenlijk heb ik toch echt wel de twee leukste banen ter wereld. Zo leuk dat ik ze soms niet eens als baan zie.

Voor Flytande mag ik me vooral bezighouden met onderwijs – MBO-onderwijs meestal, maar af en toe ook met lesmethodes voor VMBO, HAVO en VWO. Al schijn je dat niet allemaal met hoofdletters meer te schrijven, maar dit is geen blog over de juiste spelling 😉 Toen ik Nederlands studeerde was de meest gehoorde vraag of opmerking die ik kreeg ‘en wat wil je dan gaan doen, voor de klas?’ Ik had werkelijk geen idee wat ik wilde doen, maar ik wist wel zeker dat ik niet voor de klas wilde. En dat weet ik nog steeds zeker, maar tegelijkertijd vind ik goed onderwijs wel enorm belangrijk. En dan eigenlijk vooral MBO-onderwijs, want per slot van rekening zitten daar toch nog altijd de meeste leerlingen. Een van mijn allereerste klanten bij Flytande was een branchevereniging voor leveranciers van logistieke materialen en vlak daarna kreeg ik een kenniscentrum binnen de logistieke branche als opdrachtgever. Nu is de logistieke wereld een wereld van gepassioneerde mensen – maar wel vooral van praktijkmensen. Lesmaterialen schrijven kunnen ze niet allemaal even goed – maar gelukkig kan ik van die enthousiaste verhalen wel een mooi boek maken. Want schrijven op het juiste niveau, dat kan ik dan weer goed. En zo kwam ik als afgestudeerd Neerlandica met als afstudeerrichting Middelnederlandse letterkunde in de wereld van transport en logistiek terecht. En geloof het of niet: ik vind het een fascinerende wereld. Laat mij maar lekker rondkijken in een groot warehouse – alles wat daar beweegt en iedereen die daar samenwerkt, prachtig. Ik vond het ook echt geweldig mooi om bij Toyota binnen te mogen kijken toen we in Japan waren – toch een beetje de uitvinders van het just in time principe binnen de logistiek.

Wat dit nou met vandaag te maken had? Nou vandaag bezocht ik een MBO-school in het zuiden van het land, samen met een opdrachtgever. Doel: uitleggen waarom ‘onze’ methode voor Logistiek zo goed is en ze overtuigen voor ons te kiezen. Mijn bijdrage was klein – alleen de inhoudelijke vragen beantwoorden. Maar wat geeft het een voldoening als je ze enthousiast mee ziet knikken! Daar kom ik graag mijn werkkamer voor uit. Zeker als ze dan aangeven te gaan overstappen – woehoe, ik doe mijn werk niet voor niets! Want tsja, soms schrijf je iets dat dan niemand wil hebben. Omdat ze toch liever hun eigen materiaal gebruiken. Of omdat ze al zo lang met methode X van uitgever Y werken.

Dit verhaal stuurde ik dus, zij het in zeer verkorte versie, aan de klant die me een bericht stuurde dat ze helemaal klaar zat voor de online vrijmarkt bij Cardcetera. Kun je je voorstellen hoe dat voelt? Dat iemand zegt klaar te gaan zitten voor iets dat je online organiseert? Mocht je je dat niet kunnen voorstellen: ik voelde me best wel erg trots. En gestrest… want had ik nou toch 26 april aangegeven als datum? Een vrijmarkt moet je natuurlijk op Koningsdag organiseren en dat is toch echt op 27 april. Gelukkig bleek het er wel goed te staan – waardoor ik nog blijer was, want ik liep nog in Eindhoven rond en natuurlijk moest de vrijmarkt nog goed uitgewerkt worden. Waarom gisteren voorbereiden als het evenement pas morgen is….

Ook dat ik in Eindhoven liep stuurde ik ter informatie aan de klant – sommige klanten weten beter wat ik dagelijks uitspook dan mijn vrienden – en daarop vroeg ze wat ik dan in Eindhoven deed. Nou – genieten uiteindelijk dus. Met koffie. En een gebakje. Gewoon, omdat het kan.

Over helden van vroeger en hoop van nu

We schrijven begin jaren 90 en ik was fan – fan van Madonna, fan van Michael Jackson en … fan van Guns ’n Roses. Dat kon toen nog, want ik was een tiener en als tiener kun je echt  fan zijn van een muzikant. De combinatie is misschien wat wonderlijk, maar tsja over smaak valt nu eenmaal niet te twisten. Tot op de dag van vandaag houd ik van veel verschillende soorten muziek. Misschien niet meer op de manier zoals toen, maar ook nu nog kan ik eerst luisteren naar een nummer van Goethes Erben, om daarna een smartlap van Hazes aan te zetten en weer verder te gaan met Scooter. Enfin, ik dwaal weer eens af.

Het was dus begin jaren 90 en de legendarische platen Use Your Illusion I en II van Guns ’n Roses kwamen uit, net als het eveneens legendarische album Dangerous van Michael Jackson. Ik weet niet waar ik in die tijd meer van onder de indruk was – het feit dat ik destijds de CD van Michael als cadeau niet raadde na een gedicht tijdens de jaarlijkse surprise waarin het woord ‘gevaarlijk’ een keer of 20 voorkwam, doet misschien vermoeden dat ik de CD niet zo vond. Maar toen ik met de buurvrouw en het buurmeisje naar het concert van Michael in De Kuip (ja – daar werden toen nog concerten gegeven) mocht nadat mijn ouders en de buren kaartjes hadden gevonden in het lokale snuffelkrantje (hoezo ticketswap? Dit was het pre-internet tijdperk lieve lezers!) was ik wild enthousiast. We zaten hoog bovenin – Michael was niet meer dan een poppetje dat je vooral goed kon volgen via de schermen – maar het was een specktakel. Bekijk de DVD maar – die is er een van het concert in Budapest. Wat er daarna ook allemaal is gebeurd – de beschuldigingen, de standbeelden, de toestanden rondom zijn kinderen – een geweldig performer was hij wel en veel van zijn nummers zijn nog altijd briljant. Vind ik dan.

Guns ’n Roses imiteerde ik met een aantal andere kinderen uit de straat tijdens het eerste jaarlijkse pleinfeest. Maar tot een concertbezoek kwam het nooit – misschien wel omdat de buurvrouw wel mee wilde naar Michael, maar niet naar Guns ’n Roses? Wat ik nu ook wel begrijp overigens. Toen ik eenmaal zelf naar concerten kon en mocht, toen vond ik ze niet meer zo geweldig. Ongetwijfeld vond ik ze toen ook wat te weinig ‘metal’, te Amerikaans en te veel rock ’n roll. Slash was vast al vertrokken na een ruzie met Axl en vermoedelijk kwamen ze ook zelden in Europa.  Maar je hebt zo van die bands waarvan je denkt ‘was ik er maar heen geweest.’ En nu, nu krijg ik misschien die kans nog.

Niet met Michael natuurlijk – dat hoeft ook niet, want ik zag hem dus al eens live. En laten we eerlijk zijn: als je This is it heb gezien dan zie je eigenlijk dat de show die in de O2 arena zou zijn opgevoerd voor 90% overeen kwam met die van de Dangerous-tour. Maar dan wel met een Michael die vast niet meer de pasjes uit het eind van de 20e eeuw had kunnen uitvoeren. Maar die andere helden – Slash, Axl en Duff – hen hoop ik wel nog live te zien. Sinds afgelopen oktober werden de geruchten over een reünie steeds sterker. Het GnR-virus kreeg me weer te pakken – want ook die CDs ben ik blijven luisteren. Ik ging op YouTube kijken naar recente live-optredens. En ja – Axl is ook ouder geworden, maar gek genoeg vind ik dat hij het wel kan hebben. Misschien ook wel omdat hij tijdens concerten in hun glorietijd al niet zo strak klonk als op de plaat. Of misschien omdat ik zelf ook wat ouder ben en echte Amerikaanse hardrock meer ben gaan waarderen? Of komt het door Slash – zijn gitaarspel klinkt nog steeds geweldig.

Inmiddels is bekend dat ze inderdaad weer gaan optreden. Beperkt nog – een concert of vijf zijn nu gepland en allemaal in de VS en Mexico. Dat is wel heel ver vliegen voor een concert. Maar ik hoop het van harte dat ze ook naar Europa komen. Tot die tijd kijk ik gewoon nog even op YouTube naar een filmpje. Van vroeger – gewoon omdat het kan 🙂