Categorie archief: Tijdverdrijf – over boeken en koken

2017: de uitdaging

Vanochtend las ik een blog van Drs Pee – een beetje een vast ritueel van mij, in de ochtend de blogs lezen van mensen / organisaties die ik volg. Dit ritueel wordt vaak gevolgd door het idee ‘ja, ga ik doen!’ Drs Pee schreef vanochtend over haar leesuitdaging voor 2017, in het kader van het #50books project: iedere week een vraag over boeken, die je op jouw manier mag beantwoorden. Meteen dacht ik ‘ja, ga ik doen – een leesuitdaging voor 2017 opschrijven!’ Ik deed het al eerder – in 2015 slaagde ik erin om ruim meer te lezen dan mijn uitdaging was, in 2016 dacht ik tot de laatste week van december ‘ik haal het nog wel in, mijn achterstand! Ik lees immers vier boeken tegelijk, die gaan vast nog uit in 2016. En zo niet, nou dan kies ik wel een dun boekje voor tussendoor.’

Tsja. Te zot eigenlijk hè, boeken maar even snel uitlezen om de door jezelf gestelde uitdaging te halen. Of om een dik boek maar niet te gaan lezen, omdat dit niet past in je planning van een boek per anderhalve week (mijn uitdaging was 40 boeken in 2016). Of om een boek dat je toch niet echt wil bekoren wel uit te lezen, omdat anders het halve boek niet meetelt voor je uitdaging. Lezen is een ontspannen bezigheid voor mij – althans, sinds ik afgestudeerd ben dan, want tijdens mijn studie was het ook vaak een kwestie van moeten. Voor sommige vakken was het tempo een boek per week – waarbij er ongetwijfeld vanuit werd gegaan dat studenten Nederlandse taal & cultuur al de nodige klassiekers hadden gelezen. In mijn geval was dat maar zeer beperkt waar en dus las ik me een slag in de rondte. Het eerste dat ik deed toen ik eenmaal afgestudeerd was, was meteen maar de hele serie van Het bureau van Voskuil lezen. Dat kon eindelijk – want er was geen druk meer van die andere boeken die ik moest lezen. Het is nog steeds een van de meest indrukwekkende boeken / series die ik ooit gelezen heb.

Met een schuin oog keek ik naar het boek dat ik nu het liefst zou gaan lezen: The Nix. Meteen een flinke pil, met 600 pagina’s. Een minder uitdagende challenge dan maar, 20 boeken? Of zou ik het gewoon echt doen – een jaar beginnen zonder uitdagingen? Zonder goede voornemens? Eigenlijk was dat namelijk wat ik gisteravond, op de drempel van  2017 had bedacht: gewoon even helemaal geen voornemens. Een jaar zonder doelen – nou ja, met natuurlijk wel een doel: die marathon op 9 april. Maar eigenlijk had ik bedacht dat dat wel genoeg zou zijn.

In mijn achterhoofd zeurt een stemmetje ‘ja maar een lijstje boeken, hoe veel druk legt dat nou? Je hebt een boek al bijna uit! En als je dan toch dat lijstje maakt, waarom dan niet een blogje per boek, gewoon om bezig te blijven?’ Aanlokkelijk hoor – dat stemmetje. Ik houd namelijk erg van lijstjes, van dingen afstrepen en van ergens naartoe werken. Maar in 2016 heb ik (eindelijk) onder ogen gezien dat ik er ook heel onrustig van kan worden. Dat het me mijn rust kan kosten en dat die lijstjes juist averechts kunnen werken. Zeker lijstjes met doelen die ik niet haal. Ik kijk nog een keer naar mijn leesuitdaging van 2016 – het is toch een indrukwekkende lijst, ook al zijn het dan geen 40 boeken. Zucht. Ik doe het echt niet. Geen lijst, geen uitdaging, ook geen kleine.

En dus begin ik lekker in The Nix. Gewoon, omdat het kan – een dik boek lezen op 1 januari. En wie weet bedenk ik dan op 2 januari alsnog een uitdaging voor mezelf. Hopelijk weet ik me die dan ook weer uit het hoofd te praten 😉 Ik wens je een prachtig 2017 – dat het jouw jaar mag worden. Met of zonder doelen of uitdagingen.

The curse of the curious reader

31 juli was het zover – de release van de ‘nieuwe’ Harry Potter. Ik ben een groot liefhebber van Harry – een fan mag je wel zeggen. Daar was ik wel vrij laat mee – ik kon de eerste 4 boeken vertaald en wel lezen voor ik moest gaan wachten op boek 5. Daarna was het verschijnen van een nieuwe deel standaard een feestje voor mij. De eerste dag dat het boek uitkwam – in het Engels dus vanaf toen – werd geblokkeerd in mijn agenda en ik las het liefst door tot het boek uit was. Om daarna te denken ‘waarom zo snel – nu moet ik weer tijden wachten op een volgend deel.’ En toen was er het laatste deel – het verhaal was over. Gelukkig waren er nog de films en werd het laatste boek zelfs verdeeld over twee films. Ik weet niet hoe vaak ik ze gekeken heb – ik denk wel een keer of 10. Sinds vorig jaar ben ik ook de boeken aan het herlezen – waarbij me vooral opvalt dat er toch ook veel niet in de films zit. En hoe goed de boeken geschreven zijn. Ik ben nu weer bij boek 6 – ik ben een beetje aan het treuzelen omdat ik wel weet wat er gaat gebeuren. Geen fijne dingen – althans, deels niet.

En toen kwam het bericht van het toneelstuk en ‘boek 8.’ Eigenlijk geen boek, maar het toneelscript. Wat moest ik er van vinden? Het verhaal was wel af – waarom komt er een vervolg-dat-geen-vervolg-mag-heten? Wel leuk natuurlijk dat er spin-offs zijn zoals Fantastic Beasts and where to find them, maar een soort van nieuw Harry Potter boek, ik wist niet wat ik er nu eigenlijk van moest vinden. Donner organiseerde (uiteraard) een groot evenement en ik was nieuwsgierig. Maar ik ging niet – de hele stapel ongelezen boeken lachte me toe en leek te zeggen ‘kom op, lees ons eerst, wacht de recensies af.’ Toch kriebelde het en een paar dagen later stond ik toch bij Donner – maar het boek was uitverkocht. Ik vatte het maar op als een teken 😉

Ik ging naar Deventer, naar de grootste boekenbeurs van Europa. Ik kocht geen enkel boek (wel wat kaarten – oeps!), want bij geen enkel boek dacht ik ‘dit komt bovenaan de stapel te lezen boeken te liggen.’ Aan het einde van de dag ging ik toch nog even naar de lokale boekwinkel – daar zag ik het boek helemaal niet liggen! Ongetwijfeld was het of ook daar uitverkocht, of keek ik er gewoon overheen. Zaterdag kwam ik terug naar een stukje hardlopen, ik was alleen thuis en het zou mooi weer worden – dat leek me toch hét moment voor de nieuwe Harry Potter.

Even was het net als vroeger – lezen zo lang als je kan. Maar al vrij snel knaagde er iets. Niet het feit dat het een script is – want dat viel me eigenlijk nog niet tegen, je went snel aan de vorm. Maar een van de dingen die ik altijd zo geweldig vond aan Harry Potter waren de magische elementen in de ‘gewone’ wereld. Harry had zo je buurjongen kunnen zijn, die toevallig kon toveren. Je had zo maar een dementor kunnen tegenkomen als hij naast je woonde, of een heleboel uilen met post. Dat spreekt mij dan natuurlijk wel weer aan 🙂 Rowling wist me mee te nemen naar een wereld die enerzijds zo lijkt op die van mij en toch zo anders is. Dat miste ik in dit script. Plus, eigenlijk was het een beetje voorspelbaar. Toen ik hoorde dat het ging over een ongewilde nalatenschap dat ik meteen aan Voldemort, aan tijdreizen en ja hoor (oh – kleine spoiler). Ook dat hadden de echte boeken niet – ik geloof niet dat ik daar ooit heb gedacht ‘O Dumbledore gaat dood’ – ik dacht altijd dat hij toch nog wel terug zou komen. Net als Sirius trouwens. Dat het niet gebeurde vond ik heel verdrietig, maar ook wel goed. Het was de enige juiste keuze. Net zoals geen nieuw Harry boek schrijven eigenlijk de enige juiste keuze was. Denk ik tenminste….

Heb ik nou spijt dat ik het gelezen heb? Muh. Ik weet het niet. Ik had niet zo lang geleden hetzelfde gevoel bij het vierde boek van de Millenium triologie. Je kunt niet zeggen dat het slecht is – maar het is wel voorspelbaar. Dat vind ik bij een crime-boek nog erger dan bij een toneelscript 😉 Want ik wil wel naar het toneelstuk – maar ik wil geen vijfde Millenium-boek lezen.

Mevrouw

Maandag werkte ik een dagje op locatie…. in de bibliotheek van Leiden. De stad waar ik studeerde en, voor mijn gevoel, echt volwassen werd. Ik was dan misschien al 21 toen ik ging studeren, maar echt volwassen? In mijn hart ben ik eigenlijk nog steeds niet volwassen – als iemand me aanspreekt met mevrouw dan wil ik altijd zeggen ‘eh, meisje hè, niet mevrouw.’ Ja – ik heb ‘issues’ (in mooi Nederlands) met ouder worden ja. En bovendien, als ik het over andere mevrouwen van mijn leeftijd heb, dan noem ik die ook meisje. Misschien vinden ze dat wel raar – maar daar heb ik geen last van.

Enfin, de bibliotheek van Leiden dus. Ik kom niet zo vaak meer in bibliotheken. Vroeger, toen ik echt nog een meisje was, kwam ik er wekelijks. Ik las boeken niet, ik verslond ze. Maar er kwam een moment dat ik zelf boeken kon betalen en vanaf dat moment is het nooit meer helemaal goed gekomen tussen de openbare bibliotheek* en mij. Ik probeerde het nog wel eens, maar de boeken die ik meenam hadden dan toch iets van ‘moeten’ aan zich kleven. En boeken die ik moet reden – om welke reden dan ook – daar gaat het vaak mis mee. Regelmatig was ik dan ook te laat – met terugbrengen of verlengen – en de meeste boeken gingen ongelezen retour.

Prachtige stadhuis van Leiden
Prachtige stadhuis van Leiden

Maandag was ik dus in Leiden, waar ik tussen twee afspraken door op locatie mijn tijd nuttig besteedde met werken. Maar na de derde kop koffie in een koffietentje dacht ik ‘waar kun je nou buitenshuis ongestoord werken zonder dat je er iets bij moet drinken?’ Ik dacht meteen aan de bibliotheek – die in Leiden ook nog eens erg mooi is. En zo liep ik op een mooie maandag in maart door mijn voormalige woonplaats (onder andere langs het stadhuis – wilde ik toch even met jullie delen, hoe mooi dat is!). Eenmaal in de bibliotheek merkte ik dat ik niet de enige was die had bedacht dat je hier fijn kan werken – alle tafels waren ongeveer bezet, behalve de grote achterin, bij het raam. Ik deelde de tafel met een studente – die me heel vriendelijke vroeg ‘mevrouw, wilt u misschien even op mijn spullen letten als ik naar het toilet ga?’ Oef – nee ik kan dus niet doorgaan voor een mede-studente…

Maar toen gebeurde er wat dingen waardoor ik toch dacht ‘Astrid, je wordt echt wat ouder.’ Want het viel me namelijk op hoe de bibliotheek-etiquette veranderd is…. In ‘mijn’ tijd was een bibliotheek toch een soort van heilige plek – het was er stil, je rende niet door de gangen (ook niet als je een kind van 6 was), boeken behandelde je voorzichtig, je ging niet al bellend de gangen door (dat kon overigens ook helemaal niet – een mobiele telefoon was toen echt nog niet gangbaar!) en vooral: je gaat niet eten en drinken terwijl je in dat heiligdom bent. Al deze dingen zag ik in de drie uur die ik doorbracht in de bibliotheek. Die overigens ook nog verbouwd werd – dus hoezo rustig en stil?

Begrijpt u me niet verkeerd hoor – mijn eigen boeken worden niet als kostbare relikwieën behandeld; ik vind dat je best mag zien dat een boek gelezen is. Maar een boek van een ander – en de bibliotheek is toch ‘een ander’- daar ga ik wel voorzichtig mee om. Je moet er toch niet aan denken dat er een kop koffie overheen gaat, of dat er vetvlek in komt. Evenzo kan ik ook prima lezen en werken met rumoer om mij heen; maar in de bibliotheek hoor je toch te fluisteren, rustig te lopen en vooral niet te bellen? Of ben ik dan echt een mevrouw geworden, als ik dit allemaal denk….

 

* De relatie met de Universiteitsbibliotheek is een ander verhaal 🙂