Postpone your darlings

Zo ergens in september begon het serieus te kriebelen. Na een vervelende blessure na de marathon van Rotterdam – waar ik een tikje te lang mee doorliep vermoedelijk – liet ik de halve marathon van Eindhoven schieten. De hele had ik al een tijdje uit mijn hoofd gezet – ergens leek het me namelijk wel leuk, twee marthons in een jaar. Maar verstandig – nee. Maar Rotterdam 2018 – dat zou moeten kunnen. Nog een keer finishen op de ‘oude’ Coolsingel – deze avenue wordt namelijk opnieuw ingericht -, de grens van de 5u doorbreken, waarmaken wat ik zei net voor de finisch (‘ik ga nog een keer!’) en nog een keer langs de Hoge Heren lopen terwijl we er woonden.

Dat laatste bleek al snel anders te gaan lopen dan gedacht – want sneller dan ik op dat kriebelmoment kon vermoeden kochten we een huis en niet eens in Rotterdam. ‘Ach’, dacht ik, ‘dan maken we er gewoon een weekendje Rotterdam van!’ In oktober wist ik het zeker – ik liep illegaal met loopvriend S. de laatste kilometers van de marathon in Eindhoven mee en ik voelde aan alles dat mijn marathoncarrière nog niet klaar was, dat ik echt nog een keer die 42.2 kilometer wilde lopen en dat ik dat in Rotterdam wilde toen. Ik overlegde met mijn eega – vond hij het wel goed als ik nog een keer die tijd ging stoppen in trainen. Hij vond het – mits ik het weer serieus zou aanpakken – prima. En dus schreef ik me in, wetende dat ik dan wel volle bak moest gaan trainen. Want in 2016 liep ik een PR op de halve in Eindhoven en vlak daarna nog bijna een PR tijdens de halve trailrun ’t is voor niks. Nu was ik sinds de marathon nog niet vaak verder gekomen dan 20 kilometer en zelfs dat niet in een geweldig tempo.

Ik maakte een schema en een plan. Ik schreef me in, maar hing het niet aan de hoogste boom. Want inmiddels wist ik ook dat we in november en december druk zouden zijn met een verhuizing. Ik liep, maar ik maakte niet de kilometers die ik wilde maken. Ik vroeg Saskia om een schema te maken – dat deed ze maar ze schreef met Rotterdamse nuchterheid ‘je moet wel aan de bak om die 5u te halen.’ Slik. Maar ik ben niet bang voor een uitdaging en na een rondje met haar waarbij ze me liet zien hoe ik moest intervallen én dat ik daar echt niet dood aan ging, besloot ik er voor te gaan. En toen werd ik snotverkouden, was het kerst, Oud & Nieuw en hakten de verhuisweken erin. Toch stond ik 1 januari buiten voor een klein rondje. En liep ik in de tweede week zonder echte problemen 22 km. Ik besloot mijn startbewijs voor de Asselronde niet om te zetten naar de 10 EM, maar gewoon te gaan voor de 25km. Want dat is maar 3 km meer dan de 22 die ik er net op had zitten.

Op het strand van Scheveningen

Vandaag is de Asselronde en zit ik thuis – wel na 8 km te hebben gelopen. Ik werd namelijk weer snotverkouden, werd tante (hoera!), moest naar een crematie van iemand die veel te vroeg overleed en dat alles bij elkaar zorgde voor een vol hoofd. En dit keer werd ik niet blij van het idee van lopen. Want het moest – er zat te veel druk op. Met pijn in mijn hart – want o wat vind ik Apeldoorn een mooie omgeving! – besloot ik niet naar Apeldoorn te gaan. Mijn eega zei dat ik misschien toch ook moest overwegen Rotterdam op te geven (ok – hij zei het iets minder voorzichtig dan dat 😉 ), dat het misschien tijd werd om even pas op de plaats te maken en weer voor mijn lol te gaan lopen.

Vandaag liep ik richting het strand. Ik zag alle blije lopers en toen kwam ergens op de terugweg bij mij toch ook weer de blijdschap. Het gevoel van ‘wat ben ik eigenlijk een gelukspoeperd dat ik een gezond lijf heb, dat ik kan en mag lopen. En dat ik dit mag doen in een duingebied.’ En toen dacht ik ‘ik kan het allemaal gaan lopen forceren, met het risico dat ik weer een blessure krijg of erger nog, met het risico dat ik lopen niet meer leuk vind. Maar laat ik nu eens verstandig zijn – laat ik de Coolsingel maar laten voor wat het is.’ En dus geen Marathon Rotterdam 2018 voor mij. Misschien haal ik het nog net – maar mijn hele reden om het nog een keer te willen was om fit en overtuigd van mezelf aan de start te staan. Dat gaat niet meer lukken – dus stel ik die tweede gewoon uit. Tot wanneer? De tijd zal het leren. Ik zou Astrid niet zijn als ik niet al een idee heb – maar dat houd ik nog even voor mezelf 😉

De laatste nacht

Ruim drieeneenhalf jaar hebben we mogen genieten van het uitzicht op de Maas en de Erasmusbrug. De eerste keer dat ik in dit appartement kwam kijken, was dat het eerste dat ik dacht ‘werken met uitzicht op de brug – wauw!’ En ik kan je zeggen: het verveelt nog steeds niet. Op deze laatste nacht in Rotterdam – morgen wordt het bed verhuisd, dan is onze stek hier toch niet meer echt van ons – denk ik met een  beetje een vermoeid hoofd (verhuizen en klussen hakt er best in!) en wat melancholie aan hoe we hier begonnen. Terug naar Nederland; ons buitenland avontuur voorbij, een nieuwe carriere voor mijn eega en een nieuwe hometown voor ons samen.

Toen was er ook al wat melancholie – want wilde ik wel terug naar mijn vaderland, was het verhaal ‘buitenland’ wel klaar en was het niet terug naar af? Maar de liefde voor Rotterdam maakte al direct veel goed, het prachtige uitzicht maakte nog meer goed en al vrij snel na terugkomst dacht ik ‘het is ook wel fijn, lekker je moerstaal praten en weten wat je moet doen als er iets mis gaat.’ En toch bleef het knagen – bleef er een zaadje achter van ‘is het wel goed zo. Is dit het nu?’

En dan koop je een huis – voor sommigen kwam het misschien onverwacht, voor onszelf misschien ergens ook wel. Maar het voelde meteen goed en nu we bezig zijn met verven, vloeren leggen en voor het knapperende (ok – en rokende) haardvuur nadenken over de inrichting, voelt het steeds beter. Het voelt als thuis, als een plek waar ik me wil ingraven. En gek genoeg heb ik dat in het appartement nooit echt gedaan, me ingraven – het bleef een beetje aanvoelen als tijdelijk.

Nu we hier weggaan, is het gevoel van weer actueel van toen we weggingen uit Leiden, het buitenland introkken, nog onbekend wat we daar gingen vinden, wat ik daar ging missen en hoe we er ons zouden ontwikkelen. 4 huizen en 7 jaar later – talloze Ikea-meubelstukken hebben we met ons meegenomen, bakken vol boeken en platen hebben met ons meegereisd en sommige hebben we ergens achter gelaten. We hebben mensen leren kennen, van mensen afscheid genomen en geleerd dat vriendschappen soms met de meest onverwachte mensen kunnen ontstaan.

Aan al deze dingen denk ik vanavond, op deze laatste nacht in mijn Rotterdam. Hoe en waar we over 7 jaar zitten? Ik weet het niet. Misschien wel in Wassenaar – misschien ook wel niet. Wie weet ben ik op die avond wel weer wat melancholisch – omdat ik terugdenk aan dat appartement op de 13e verdieping, met het geluid van de piepende trams over de brug dat je zo goed hoorde als het raam openstond, de ventilatie die nooit echt stil werd, de buren in de lift die soms deden alsof ze in het lege lift stonden en een andere keer juist weer onverwacht vriendelijk waren, of aan de enorme hond die bijna alleen de lift vulde en zo’n charmante eigenaar had, die je alleen herkende als de hond erbij was, aan de voormalig gynaecoloog en zijn vrouw, mr. en mvr. Zuur, de stoet aan bijzondere figuren en vreemde gewoontes, de afsperringen voor het ene of andere festival, de lopers op de brug, de Spido-boot en de watertaxi’s. Of misschien denk ik dan wel niets van dit alles en zucht ik gewoon tevreden ‘fijn he, hier zo samen.’

#50books: boekplanning

Martha stelde deze zondag de vraag of je werkt met een boekplanning. Bijvoorbeeld omdat je boeken moet lezen voor een recensie. Mijn eerste ingeving was om deze vraag niet te beantwoorden – want eigenlijk kon ik meteen nee zeggen. Toch, op haar reactie ‘misschien zet het je aan het denken, dat anderen dit wel doen’ dacht ik ‘eens kijken hoe ver ik kom met een blog hierover.’ Want waarom maak ik geen planning? Simpel – omdat ik het gevoel heb dat ik tijdens mijn studie vier jaar lang moest plannen wat ik las. Ik las echt wel eens een boek dat niet verplicht was – Harry Potter bijvoorbeeld – maar het meeste dat ik las kwam van een (lange) lijst met verplichte boeken. Nu kunnen sommige mensen daar een heel scala al van afstrepen, omdat ze die op de middelbare school of in hun vrije tijd al gelezen hadden. Voor mij gold dat niet echt. En dus moest er een behoorlijk tempo en een strakke planning aan te pas komen om de verplichte boeken op tijd uit te hebben. Soms lukte dat dan ook niet en moest ik me ergens een beetje doorheen bluffen. Zo staat me het boek Meneers Vissers Hellevaart nog goed voor ogen. Een draak van een boek, waar ik te laat in begonnen was, omdat het ook nog eens niet makkelijk te krijgen was.

Na mijn opleiding schreef ik een tijdje analyses van boeken voor Biblion. Best leuk, dacht ik, zo blijf ik toch nog wat serieuzer met literatuur bezig en lees ik misschien eens wat boeken van buiten mijn eigen interessesfeer. Maar dat kreeg ik nooit goed ingepland. Op de een of andere manier waren de boeken dan wel mooi, maar lukte de analyse niet goed. Of vond ik het boek eigenlijk een beetje mwah, waardoor het onder op mijn stapel van te lezen boeken terecht kwam. Ik lees namelijk altijd meerdere boeken tegelijk, maar natuurlijk heb je dan favorieten – boeken die je sneller uitleest dan anderen. Een keer maakte ik het zelfs zo bont dat ik het verkeerde boek las voor Biblion. Meestal had ik de keus uit twee boeken, waarop ik dus het verkeerde van de twee boeken ging lezen. Nu was er nooit echt een deadline voor de analyses, dus echt plannen hoefde ik het ook niet. Maar nadat ik de zoveelste analyse pas na een half jaar inleverde vond ik het zelf wel mooi geweest. Sindsdien lees ik vooral waar ik zin in heb en op het moment dat ik dat wil.

Ik schreef eerder dit jaar ook al over dit onderwerp, toen in het kader van de Goodreads leeslijst, waarop je aangeeft hoeveel boeken je dit jaar plant te lezen. Tot op de dag van vandaag wil Goodreads nog steeds weten wat mijn doel is – ik vul het lekker niet in. Ik lees op het moment heel veel. Mijn e-reader heeft me de vrijheid gegeven om altijd een stapel boeken bij me te hebben. Het streven is om er niet te veel ongelezen boeken op te zetten. Voor de vakantie zette ik er wel wat meer op – maakte ik dus toch een soort van planning. Al stapte ik daar vrolijk vanaf op het moment dat er een mini-bieb op een camping was waar we stonden. Ik smokkelde een heerlijke chicklit tussen mijn planning door. En vorige week liet ik me verleiden door de nieuwste van Dan Brown – gewoon ouderwets op papier, omdat ik denk dat anderen dat boek ook best willen lezen. En vandaag, vandaag rende ik naar Donner voor het nieuwste boek van Philip Pullman. Tig jaren na His Dark Materials komt er eindelijk een nieuw boek uit – wat ik direct oppak.  Helemaal omdat ik het ook nog won in een actie van Donner Young Adult.

Heerlijk – lekker planningloos lezen!